Basiskennis chemie 3/Buffers Opgaven 2

Buffers: [H+] en pH, op basis en .

1.
0.350 mol propaanzuur ( ) en 0.250 mol propionaat ( ) worden opgelost in 2.500 liter water. Bereken de pH van deze oplossing.
Antwoord
2.
In 0.250 liter water worden 0.020 mol fenol ( ) en 0.050 mol fenolaat ( ) opgelost. Bereken de pH van deze buffer.
Antwoord
3.
In 10.00 liter water worden 2.00 mol mierenzuur ( ) en 1.00 mol formiaat[1] ( ) opgelost. Bereken de pH.
Antwoord
4.
Voor het uitvoeren van experimenten met amylase, een enzym in speeksel, wordt een fosfaatbuffer gemaakt door 0.250 mol waterstoffosfaat ( ) en 0.100 mol diwaterstoffosfaat ( ) op te lossen in 400 mL water. Bereken de pH van deze buffer.
Antwoord
5.
In het zelfde experiment met de amylase als in opgave 4 wordt ook een andere fosfaatbuffer gemaakt door 0.150 mol fosfaat ( ) en 0.050 mol waterstoffosfaat ( ) op te lossen in 500 mL water. Wat is de pH van deze buffer?
Antwoord
  1. Formiaat, uit het Frans: la Fourmi = de mier.
Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.