Onderwijs in relatie tot P2P/Zelfallocatie: verschil tussen versies

Dat de p2p-gedachte en zelfallocatie voornamelijk wordt toegepast op gemeengoederen is niet onlogisch. Gemeengoederen zijn dan ook zeer moeilijk uit te drukken in geld. Iedereen kent min of meer de kostprijs van een brood, maar er is niemand die de kostprijs van één ton zuivere lucht of één ton proper water kent. Omdat er zo moeilijk een prijs op te plakken is, is het heel moeilijk om gemeengoederen een plaats te geven binnen een kapitalistisch systeem. Toch worden er pogingen ondernomen om het kapitalisme ook toe te passen op gemeengoed.
 
Een voorbeeld zijn de CO2-uitstootrechten die in Europa volgens het vrije marktsysteem verhandeld worden. Bedrijven mogen maar zoveel CO2 uitstoten als wat ze in emissierecht bezitten. Wilt een bepaald bedrijf meer CO2 uitstoten, dan zal het extra rechten moeten kopen op de markt. Hoe hoger de vraag naar CO2-uitstootrechten, hoe duurder deze emissierechten worden, op die manier zou de markt zich in evenwicht moeten kunnen houden en de algemene uitstoot beperkt blijven (Departement leefmilieu, Natuur en energie, Retrieved December 13,2014).
 
Binnen een p2p-samenleving zijn deze ingewikkelde regelingen niet nodig. Doordat iedereen bijdraagt aan het algemeen goed, zal elke persoon en elk bedrijf ervoor zorgen dat zijn/haar CO2-uitstoot beperkt is en minimaal is, zodat het gemeenschappelijk goed (in dit geval de luchtkwaliteit) gewaarborgd blijft. In een p2p-maatschappij is het veel eenvoudiger om gemeenschappelijke goederen in stand te houden, omdat iedereen het vanzelfsprekend vindt om de welvaart in de samenleving voorop te stellen boven het eigen belang.
Informatie afkomstig van https://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.