Maatschappijleer/Verzorgingsstaat/De Nederlandse verzorgingsstaat vanaf WOII: verschil tussen versies

k
cosmetisch
k (cosmetisch)
Onder leiding van premier Ruud Lubbers werd tussen 1982 en 1994 flink bezuinigd.
De uitkeringen en zelfs de WAO gingen omlaag.
Overheidsuitgaven liepen terug en het het aantal banen groeide.
 
Toen in 2000 de internetzeepbel knapte, zorgde dit voor een wereldwijde recessie.
 
De koude oorlog is een periode van gewapende vrede.
In deze jaren stonden de Verenigde Staten en de voormalige Sovjet-Unie (USSR) lijnrecht tegenover elkaar.
De westerse landen waren kapitalistisch en een groot aantal landen in Oost-Europa en Azië communistisch.
Deze landengroepen werkten samen om hun landen zo goed mogelijk te verdedigen.
 
De kapitalistische westerse landen werden de eerstewereldlanden genoemd.
Met landen van de tweede wereld werden de landen van het machtsblok daar tegenover bedoeld.
Neutrale landen kregen de titel derdewereldlanden.
En daar heeft iedereen in het land profijt van.
 
Tegenstanders van deze gedachte, wijzen erop dat de wereldwijde economische groei al jaren is afgenomen.
Daarnaast stellen zij dat een vrije markt voor meer ongelijkheid zorgt.
 
==== De Hollandse ziekte: aardgas (1963-1982) ====
 
Begin jaren 60zestig werden aardgasreserves ontdekt. Een deel hiervan werd verkocht aan het buitenland. Daardoor steeg de waarde van de gulden. Door deze waardestijging werd de concurrentiepositie van Nederland minder sterk. Hierdoor daalt de economische productie en stijgt de werkloosheid. Ook bekend als de Hollandse ziekte.
 
Omdat in deze periode de inflatie hoog was, de economische groei vertraagde​​vertraagde en de werkloosheid hoog bleef, wordt wel gesproken van stagflatie.
 
==== Akkoord van Wassenaar (1982-1990) ====
==== Globalisering en Europa (1990-2008) ====
 
In de jaren 90negentig lieten de meeste Oost-Europese landen het communisme los. De overstap naar een markteconomie was niet eenvoudig. Joegoslavië verviel in oorlog en andere landen stortten economisch in elkaar. Dit zorgde ook voor allerlei sociale problemen.
 
De Midden-Europese landen (Polen, Hongarije, de Tsjechische Republiek en Slowakije sloten zich in 2004 aan bij de Europese Unie.
Onder leiding van Pieter Lieftinck (Minister van financiën van 1945-1952) werd de Gulden gedevalueerd en werden nieuwe belastingen ingevoerd als actie tegen zwart geld.
 
Tijdens de jaren 50vijftig en 60zestig groeit de economie als kool. Dit worden de gouden jaren genoemd. Door de toename in welvaar heeft de overheid voldoende financiële middelen om de verzorgingsstaat op poten te zetten. Piet de Rooy typeert deze periode als 'jaren van tucht en ascese'.
 
Nederland bleef ook na de oorlog verzuild. Pogingen om de katholieke, protestantse, sociaaldemocratische of liberale achtergrond te verenigen. Maar de verzuiling zorgde voor een zekere mate van stabiliteit van de politieke cultuur.
De kabinetten Kok I en Kok II gevormd door PvdA, VVD en D66 noemen we paarse kabinetten. Dit werd zo genoemd vanwege het feit dat paars de politieke mengkleur is van het blauwe liberalisme en de rode sociaaldemocratie. Deze kabinetten waren de eerste in een lange tijd waarin geen confessionele partij betrokken was.
 
De verschillen tussen de politieke partijen werden in de jaren 70zeventig en 80tachtig steeds meer benoemd in de hoop kiezers een duidelijkere keuze konden maken. De veranderde politieke verhoudingen maakten in de jaren 90negentig een samenwerking mogelijk tussen de vroegere tegenstanders PvdA en VVD.
 
Omdat de christendemocraten voor het eerst niet mee regeerden, kwam er verandering in de politieke structuur. De marktwerking nam toe.
Na de ondertekening van het Verdrag van Rome (1957) werd deze economische samenwerking verder uitgebreid. En in 1973 sloten Groot-Brittannië, Ierland en Denemarken zich aan. Vanaf dat moment werd er van een Europese Unie gesproken. De Europese samenwerking moest zorgen voor vrede en economische ontwikkeling.
 
Op 4 november 1982 werd Ruud Lubbers minister president in Nederland. Bij zijn aantreden verkeerde Nederland in een crisis. Door het beleid van de jaren tijdens de twee oliecrises was Nederland in financiële problemen gekomen. Dit was ook het geval in andere grote economieën als Groot-Brittannië en de Verenigde staten. De internationale kapitaalmarkt werd in de jaren 80tachtig verder versoepeld.
 
In Nederland werd onder leiding van Lubbers flink bezuinigd. De overheidsuitgaven moesten omlaag. Er werd gekort op uitkeringen en salarissen in het onderwijs en ambtenarensalarissen. Ook ging er minder geld naar volksgezondheid en welzijn. De werkloosheid nam hierdoor geleidelijk af.
25

bewerkingen

Informatie afkomstig van https://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.