Cursus noten lezen/De toonladders

Toonladders zijn in de muziek gebaseerd op de toonsafstanden tussen twee noten. Er zijn twee verschillende soorten toonladders: mineur en majeur.

MajeurtoonladderBewerken

De majeurtoonladdder bestaat uit de gewone reeks C, D, E, F, G, A, B, C. De toonsafstanden volgen telkens dezelfde reeks:  . Als we dan naar een willekeurige toonladder gaan kijken noteren we eerst de stamtonen, dus de neutrale noten zonder voortekens.

Voorbeeld
de majeurtoonladder in E:
          

Nu gaan we de afstanden tussen de noten bekijken.

  • Tussen de E en de F zit normaal gesproken een halve toonsafstand, dus de F moet een halve toon verhoogd worden.
  • Tussen de F en de G zit normaal gesproken een hele toonsafstand, maar omdat de F al een halve toon verhoogd wordt, moet de G dus ook weer een halve toon verhoogd worden.
  • Tussen de G en de A zit normaal gesproken een hele toonsafstand, maar de reeks zegt dat er maar een halve toonsafstand tussen moet zitten. Omdat de G al een halve toon verhoogd is, zit er dus een halve afstand tussen.
  • Tussen de A en de B zit normaal gesproken een hele toonsafstand, en dat hoort ook volgens de afstandenreeks.
  • Tussen de B en de C zit normaal gesproken een halve toonsafstand, en dit hoort een hele te zijn dus wordt de C met een halve toon verhoogd.
  • Tussen de C en de D zit normaal gesproken een hele toonsafstand, maar omdat de C al een halve toon verhoogd wordt, moet de D dus ook weer een halve toon verhoogd worden.
  • Tussen de D en de E zit normaal gesproken een hele toonsafstand, maar de reeks zegt dat er maar een halve toonsafstand tussen moet zitten. Omdat de D al een halve toon verhoogd is, zit er dus een halve afstand tussen.
  • Het uiteindelijke resultaat is dus dat de F, de G, de C en de D een halve toon verhoogd moeten worden.

          
Omdat het over een sfeer gaat waarin alle noten volgens deze vier kruizen moeten worden veranderd, mogen we deze ook aan het begin van de notenbalk zetten:           

MineurtoonladderBewerken

Natuurlijke mineurBewerken

De natuurlijke mineurtoonladder begint zonder voortekens op de A: A, B, C, D, E, F, G, A. De afstanden tussen de noten zijn:  . Ook met de mineurtoonladder beginnen we met de stamtonen.

Voorbeeld
de mineurtoonladder op G:
          

Nu gaan we de afstanden tussen de noten bekijken.

  • Tussen de G en de A zit normaal gesproken een hele toonsafstand, en volgens de reeks klopt dit ook.
  • Tussen de A en de B zit normaal gesproken een hele toonsafstand, maar volgens de reeks moet dit een halve afstand zijn, dus wordt de B een halve toon verlaagd.
  • Tussen de B en de C zit normaal gesproken een halve toonsafstand, maar volgens de reeks moet dit een hele afstand zijn. Omdat de B al een halve toon verlaagd is, hoeft er met de C niets meer te gebeuren.
  • Tussen de C en de D zit normaal gesproken een hele toonsafstand, en volgens de reeks klopt dit ook.
  • Tussen de D en de E zit normaal gesproken een hele toonsafstand, maar volgens de reeks moet dit een halve afstand zijn, dus wordt de E een halve toon verlaagd.
  • Tussen de E en de F zit normaal gesproken een halve toonsafstand, maar volgens de reeks moet dit een hele afstand zijn. Omdat de E al een halve toon verlaagd is, hoeft er met de F niets meer te gebeuren.
  • Tussen de F en de G zit normaal gesproken een hele toonsafstand, en volgens de reeks klopt dit ook.
  • Het uiteindelijke resultaat is dus dat de B en de E een halve toon verlaagd moeten worden.

          
Omdat het hier gaat om een hele toonladder die de sfeer van het hele muziekstuk bepaalt, worden de toevallige voortekens ook als vaste voortekens geschreven:           
.

Harmonisch mineurBewerken

De harmonische mineurtoonladder bestaat uit de volgende intervallen:   Wat opvalt is dat de voorlaatste toon een extra grote sprong heeft gemaakt. Op A zou dit deze toonladder opleveren: A, B, C, D, E, F, Gis, A.           

Melodisch mineurBewerken

De melodische mineurtoonladder bestaat uit de volgende intervallen:   Het speciale aan de melodische mineurtoonladder is dat naast de zevende, zoals bij de harmonische mineurtoonladder, ook de zesde noot wordt verhoogd. Het verwarrende echter is dat alleen op de stijgende toonladder wordt verhoogd, op de dalende toonladder worden de verhogingen weer hersteld.

Voorbeeld met de E-toonladder
                 

De toonladder lijkt nu al op de majeurtoonladder van E, alleen de terts is nog hetzelfde.

KwintencirkelBewerken

De kwintencirkel is een handig hulpmiddel om te onthouden hoeveel kruisen of mollen een stuk heeft. De kwintencirkel kan opgedeeld worden in vier delen:

  1. De majeurtoonladders met kruisen
  2. De majeurtoonladders met mollen
  3. De mineurtoonladders met kruisen
  4. De mineurtoonladders met mollen

MajeurBewerken

 
De kwintencirkel van de majeurtoonladders met kruisen: C, G, D, A, E, B, Fis, Cis
 
De kwintencirkel van de majeurtoonladders met mollen: C, F, Bes, Es, As, Des, Ges, Ces

MineurBewerken

 
De kwintencirkel van de mineurtoonladders met kruisen: A, E, B, Fis, Cis, Gis, Dis, Ais
 
De kwintencirkel van de mineurtoonladders met mollen: A, D, G, C, F, Bes, Es, As

De cirkelBewerken

 
Linksom staan binnen de mineur en buiten de majeur mollen, rechtsom de kruisen
Informatie afkomstig van http://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.