Heraclitus over de natuur/De methode en de bekwaamheid

Nadat de voorgangers en de onbekwame mensen aan de kaak zijn gesteld, terwijl aangegeven is dat zij onjuist handelen, kan getoond worden wat op rationeel gebied dan wél de juiste wijze van handelen is. Het is de juiste methode vertrouwen te stellen in de zintuigen, in het openbare en in het wetenschappelijk onderzoek. Wie dat doet is bekwaam en verkrijgt kennis. De zintuigen hebben de voorrang (23), maar zijn onbetrouwbaar voor mensen met “uitheemse zielen” (24), soms zijn zij echter ook onbetrouwbaar voor de bekwame onderzoeker. Dit geldt vooral voor het oor (25). De neus is echter een niet te onderschatten zintuig (26). Maar naast de zintuigen leidt toch ook het zelfonderzoek tot kennis (28), zodat het niet altijd nodig is bij anderen onderwijs te volgen (27). Want allen zijn in wezen in staat zelfkennis en verstandigheid te bereiken (29), daar allen kunnen denken (30). Het is wijsheid en een deugd op de juiste wijze te handelen en te spreken (31), voorzichtig te zijn wat het oordelen betreft (32), en onwetendheid voor zich te houden (33 en 34). Daarvoor is het nodig veel onderzoek te doen (35), zoals de sterrenkundige doet (36), adequate veronderstellingen te hebben (37) en vertrouwen te hebben in en aandacht te hebben voor het openbare (38). Vaak is dit immers openbaar (39), hoewel de ware aard der dingen zich voor ons verborgen houdt (40). Deze is echter op te sporen door die te benaderen (41).

Heraclitus over de natuur

Inhoud van dit hoofdstuk

bewerken
  1. De waarde van de zintuigen
  2. Verstandig zijn
  3. Methode van onderzoek


Informatie afkomstig van https://nl.wikibooks.org Wikibooks NL.
Wikibooks NL is onderdeel van de wikimediafoundation.